De trainer vindt dat ik een keer per week van Brussel naar huis moet fietsen. Donderdag gaat het stormen, het leek me dus verstandig om dat vandaag te doen.
Toen ik vertrok was het droog, na een kwartier begon het te motregenen, weer een kwartier later regende het zo intens dat mijn wenkbrauwen, nochtans fors, niet meer volstonden om het water uit mijn ogen te houden.
Algemene Voeding Magda in Malderen is een vaste stopplaats waar ik halverwege een flesje sportdrank koop. Niet vandaag. Ik wou het Magda niet aandoen dat ze haar supermarkt zou moeten dweilen.
Een stukje van mijn fietsroute loopt langs de spoorlijn Mechelen-Temse. De trein waar ik gewoonlijk inzit, reed me voorbij. Ik vervloekte mezelf.
En het ergste moest nog komen. Tussen Temse en Rupelmonde kwam ik in een soort zondvloed terecht. Nat tot op mijn onderbroek. Nog een beetje verder zelfs. Ik hapte naar adem alsof ik in een te koud zwembad sprong. Ik kon nog maar aan één ding denken: pannenkoeken en hete chocolademelk.
Morgen weer met de trein. De pannenkoeken zijn er niet van gekomen, de chocolademelk was heerlijk. En qua training zit ik op schema,
Paul.
Labels: fietsen, trainen, trein